Spanje, Trektochten, Uitrusting

Spanje gr7 dag 22 / 51 Tabarla – Siete Aguas

trektocht e4 gr7 spanje valencia vrouw alleen op reis wandelen backpacken wildkamperen weeralarm avontuur solotocht trektocht rebollar siete aguas area recreativa

Rustige ochtend

Hoewel ik moe ben, heb ik moeite om die nacht in slaap te vallen en lig ik te draaien en woelen. Ik zie het 2u worden voor ik eindelijk de slaap vat. Als de wekker gaat, besluit ik daarom rustig aan te doen. Deze ochtend maak ik een trage start. Ik lig nog lekker en geniet van het fijne plekje. Het is nog heel mistig buiten mijn tent en ik voel weinig haast om eruit te komen. Als het licht genoeg is, kruip ik uit mijn tent en ontbijt ik aan een van de picknicktafels. Vandaag is het zo’n 21km tot aan Rebollar, dat is prima te doen, dus ik haast me niet.

Code geel

Het loopt al tegen 11u als ik mijn weg vervolg. Ook vandaag is het weer mistig en bewolkt. Het weerbericht geeft code geel af voor regen vandaag en morgen. Maar het geluk is die dag met me, waardoor de meeste regen naast me valt. Ik zie de regen uit de wolken vallen, soms maar enkele meters verderop, en iedere keer is mijn regenkleding overbodig. De regenachtige dag laat de temperatuur ook flink dalen. De paden zijn vandaag tienduizend keer beter begaanbaar in vergelijking met gisteren. De 800 geplande hoogtemeters zie ik op deze manier ook prima zitten. In plaats van los grind stap ik op grote stenen en loop ik geleidelijk omhoog.

Overpeinzingen over bagage en materiaal

Terwijl ik wandel, reflecteer ik op de spullen die ik bij me heb, in het bijzonder mijn stok. Ik lees een boek van iemand die de camino loopt en de stokken uiteindelijk vergeet, maar ze toch maar weer ophaalt. Op de een of andere manier kan ik niet goed met 2 stokken tegelijk lopen. Motorisch is dat een ding, ik struikel over mijn voeten en stokken, en daarmee vorm ik alleen maar extra risico’s. Dus ik wandel met één stok. In mijn jeugd tijdens wandelingen op vakantie wandelde ik ook altijd met één stok. Het is misschien ook maar wat je gewend bent. Is het niet ook logischer, vroeger liepen mensen toch ook maar met één stok? Zo’n houten, waar je die metalen pinnetjes op kon verzamelen. En oude mensen zie ik ook nog steeds maar één stok gebruiken.

Trouwe metgezel en wapen

En die stok, dat is intussen een trouwe, onmisbare metgezel geworden tijdens mijn hikes. Het helpt me mezelf omhoog trekken de berg op, het geeft me balans als ik afdaal. Het is mijn wapen die ik in de buurt houd als ik ga slapen. Zeker in de nachten met de wilde zwijnen was ik heel dankbaar dat ik mijn stok had, om mezelf in het uiterste geval te kunnen verdedigen. De stok heeft al vaker z’n waarde bewezen als ik honden op afstand moest houden. Ook in deze etappe, vrij aan het begin ervan, kwamen twee honden achter me aan stormen die ik gelukkig op afstand kon houden met mijn stok. Een andere situatie is wanneer ik door velden met koeien en stieren moet wandelen. Dan voel ik me behoorlijk kwetsbaar tussen die reusachtige kolossen. Ook al zou ik misschien niet veel uit kunnen richten tegenover een dolle stier, het is toch een prettig idee om iets in handen te hebben.

Valbreker en alleskunner

Wat vaker voorkomt is dat mijn stok een valbreker is. Ik kan niet meer op 2 handen tellen hoe vaak ik al mijn balans verloor, uitgleed of struikelde en dan mijn stok in de grond kon steken om te voorkomen dat ik viel. Ook gisteren was dat aan de lopende band aan de orde. Met die losse stenen, steile paden en topzware bepakking is dat ook niet zo gek. De stok gebruik ik ook regelmatig om het terrein te verkennen. Dan steek ik hem bijvoorbeeld in de grond om te peilen of het drassig is, of hoe diep het water is dat ik over moet steken. Of als de grond sterk begroeid is, kan ik een idee krijgen waar de grond zich onder mij bevindt. Ik gebruik hem als houvast als ik een steentje uit mijn schoen pulk. Als ik door dicht begroeide stukken loop, haal ik de takken en begroeiing opzij met mijn stok, of zwaai ik hem voor me uit om de spinnenwebben weg te halen. Dat laatste is geen overbodige luxe, omdat ik vaak de enige ben die sinds jaren dit pad gebruikt. Soms helpt de stok me om hoger hangend fruit te bereiken, om bijvoorbeeld een vijg of sinaasappel te plukken. Een veelzijdig instrument, en eentje die ik niet zou willen missen.

Pet en zonnepaneel

Mijn pet is ook een geliefd stukje bagage. Het voordeel van een pet ten opzichte van een zonnebril, is dat het wel beschermt tegen de felle zon, maar nog steeds genoeg licht hebt als het bewolkt is. Dat voorkomt dat ik steeds van bril moet wisselen. Mijn pet houdt mijn haar op z’n plek en voorkomt dat mijn krullen in de begroeiing blijven hangen en voor onnodig veel extra klitten zorgen. Een kam heb ik niet bij me, dus na een paar dagen loop ik erbij als een plumeau, dat neem ik voor lief. Dit jaar loop ik voor het eerst met een zonnepaneeltje, en hoewel die erg langzaam laadt, zorgt het wel voor extra batterij. Elk beetje extra energie in de powerbank is meegenomen, en het geeft mee een fijn gevoel dat ik nooit compleet zonder stroom zal komen te zitten. Dat geeft me iets meer speling om bijvoorbeeld wat vaker mijn telefoon te gebruiken, al is het maar om muziek te luisteren of te navigeren.

Aanpassingen in kleding en gas

Een andere aanpassing die ik dit jaar heb gedaan, is dat ik mijn dikkere folierol heb gewisseld voor een dunner foliematje. Daar heb ik spijt van. Het dunne foliematje waait weg, scheurt snel en geeft geen extra comfort onder mijn slaapmat. Dat zal ik volgend jaar weer terug aanpassen. Ook ga ik volgend jaar een warmere slaapzak meenemen, hoewel dat meer gewicht en volume betekent. Ik wil niet riskeren dat ik het echt te koud heb ’s nachts. Ook ga ik mijn afritsbroek thuislaten en in plaats daarvan een extra legging meenemen. Deze reis doe ik nu al 3 weken met hetzelfde gaskannetje, terwijl ik er wel 2 met me meedraag. Het zou mooi zijn als ik volgend jaar halverwege mijn tocht een nieuw gaskannetje kan kopen, scheelt toch weer 420gram. En als ik ergens gas kan kopen, dan zal ik er ook wel droogmaaltijden kunnen halen.

Zeepblokjes en stekkerblok

Op advies van Steef had ik een snellader meegenomen: dit stekkerblok is een stuk groter dan de normale exemplaren en aanzienlijk zwaarder. In de praktijk heb ik die snellader eigenlijk nooit nodig. De enige momenten dat ik iets oplaad, ben ik er een hele nacht, en dan kan het net zo goed met een langzame lader. Die ga ik volgende keer ook omwisselen. Vorig jaar had ik knijpflacons met zeep en shampoo, waar ik direct de eerste nacht de nadelen van ondervond toen één ervan was opengegaan in mijn tas waardoor alles onder de douchegel zat. Dat zou me niet nog eens gebeuren, dus heb ik nu gekozen voor een blokje zeep en stukje shampoobar. Die zitten in een zakje van wetsuit, ideaal want het is waterdicht en lekvrij. De blokjes zijn klein en gaan lang mee, ideaal! Daarentegen ben ik wel een nagelknipper vergeten, ook iets voor op het lijstje volgend jaar.

Van Rebollar naar Siete Aguas

Onderweg zoek ik naar Rebollar op de borden, maar nergens wordt deze plek aangegeven. Wel zie ik een onbekende plek, Siete Aguas, op de borden. Ik pauzeer boven op een berg en pak mijn kaart erbij. Hierop wordt duidelijk dat ik helemaal ben afgebogen van de route zoals ik hem had gepland, en de routemarkering van de gr7 op de grond dus ook hier is aangepast ten opzichte van de papieren en digitale kaarten. Ik loop helemaal niet naar el Rebollar! Nu volg ik de nieuwe gr7 die binnendoor loopt, naar het dorp Siete Aguas. Aan mijn eigen planning heb ik niks meer.

Alles gesloten

Dat betekent dat ik wederom goed moet opletten op de markeringen op de grond, want dat is de enige navigatie die ik nog heb. Dat ik nu naar een dorp loop, geeft me echter ook nieuwe hoop: daar vind ik misschien een supermarkt en cafés voor inkopen! Maar die hoop wordt al snel de kop ingedrukt als ik daar rond 16u aankom: alles is dicht en het hele dorp is compleet uitgestorven. Wat gek? Volgens google maps zitten er aardig wat horeca zaken en een supermarkt, maar niks is open. Misschien is het een feestdag? Wel zie ik een bord met de nieuwe route van de gr7, waarop ik kan zien dat de volgende etappe naar Chera loopt. Morgen zal ik dus opnieuw langs een dorp lopen met kans op winkels en dus nieuwe voorraad. Daarom besluit ik het ‘dorp met de zeven wateren’ achter me te laten en verder te lopen. Maar niet voordat ik nog mijn flessen vulde bij de, jawel, 7 verschillende fonteinen op het centrale dorpspleintje. Zouden ze dan ook allemaal een andere bron en andere smaak hebben?

Area Recreativa

De route is erg mooi buiten Siete Aguas, en duidelijk zeer recent aangelegd. Ik volg een pad door een brede kloof, terwijl donkere regenwolken en felle zon me vergezellen en een mooi lichtspel vormen boven mijn hoofd. Ik geniet van deze laatste kilometers, die goed begaanbaar en met niet al te veel hoogtemeters zijn, en kom uiteindelijk bij een volgende picknickplek aan. Deze area recreativa is weliswaar een stuk kleiner, en meer openbaar, langs een grindweg en met enkele boerderijen in de omgeving. Bij de kraan zitten twee jongens te chillen die zo te zien in de omgeving aan het fietsen zijn en hier pauzeren. Om niet teveel aandacht te trekken besluit ik eerst te gaan eten, en te wachten tot de jongens weg zijn voordat ik begin met het opzetten van mijn tentje. De picknickplek kijkt uit op de kloof waar ik zojuist doorheen ben gelopen, en over een vrij open veld. Op de picknickplek staan enkele jonge populieren als schamele beschutting.

Gesnapt door de boswachter

De jongens maken helaas weinig haast om te vertrekken, en ik voorzie regen, dus besluit ik toch maar te beginnen met het opzetten van mijn tent. Als ik net mijn binnentent op heb staan, komt er een jeep het terrein op rijden. Shit, de boswachter, maakte ik direct op uit de tekst op de zijkant van de jeep, en de zandkleurige kleding van de man achter het stuur. ‘Nu ben ik de sjaak, ik zal een boete krijgen en een reprimande, en waarschijnlijk moet ik hier weg en nog uren ronddolen, of word ik verplicht een veel te dure hotelkamer te boeken’, gaat er door me heen. Ik besluit mijn onschuld en vrouwelijke charmes in de strijd te gooien om de schade zoveel mogelijk in te perken. ‘Goedemiddag, heeft u permissie om hier te kamperen?’. Het heeft geen zin om te liegen. ‘Nee, ik wist niet dat dat nodig was, hoe had ik dit moeten regelen?’, reageer ik, naar waarheid trouwens, want ik zou het echt niet hebben geweten. De man blijkt tot mijn verrassing juist een vaderlijke bezorgdheid te uiten, en is totaal niet bezig met dat ik hier niet mag zijn. Hij kijkt me wat verlegen aan, met vriendelijke, bruine ogen en halflang bruin haar onder een kaki kleurige hoed. Ook laat hij me zien hoe ik bij de plaatselijke gemeente een document kan invullen om hen zo te laten weten wanneer ik waar ben, zodat de lokale autoriteiten er weet van hebben op het moment dat er iets mis zou gaan.

‘Be safe’

De omgeving waar ik me nu in bevindt is behoorlijk uitgestrekt en ondoordringbaar, verdwalen is daarom niet ondenkbaar. Als er iets met me zou gebeuren, is het voor de lokale autoriteiten heel lastig om mijn locatie te bepalen. In een mengeling van Spaans en Engels wissel ik dankbaar en opgelucht woorden uit die hem uitleggen waar ik vandaag kom en wat mijn onderneming inhoud. Hij drukt me op het hart om altijd aan iemand te laten weten waar ik ben, en veilig te doen. Zijn doordringende blik laat geen twijfel dat hij dit oprecht meent. Gelukkig wandel ik buiten het bosbrandseizoen, maar er is wel slecht weer op komst en in de herfst kan het weer onvoorspelbaar en zeer slecht zijn, waarschuwde hij me. Met een tikje op zijn hoed stapt hij weer in de auto en neemt afscheid. Opgelucht dat ik nu met toestemming mag kamperen, eet ik mijn adventure food en zoek daarna mijn tent op, omdat het al snel begint te regenen. Met uitzicht op de ondergaande zon drink ik thee, en geniet van een relaxte avond.