Spanje gr7 dag 14 / 43 Onil – Alcoy – camping Mariola
De volgende ochtend ontwaak ik in het pikkedonker. Geen maan, geen sterren. Enkel de dikke, zware deken van de nacht. Ik trek mijn hoofdlampje over mijn hoofd en in de lichtbundel zie ik direct dat het gedempte geluid wordt verklaard door de dikke mist die mij omhult. De zon komt op, hoewel ik hem zelf niet zie, door de dikke mist. Het zonlicht is gefilterd, waardoor er een gelig, rookachtig licht over de heuvels ontstaat. Even lijkt het of ik naar een bosbrand in de verte kijk, maar ik ruik enkel de frisse, vochtige boslucht, geen brand.
Discipline in de ochtend
Ik heb flinke pijn in mijn onderrug en in mijn heupen. Daar heb ik soms zo’n last van, omdat mijn matje nu eenmaal niet gelijk staat aan een comfortabel, dik matras. Ik doe mijn yoga, om mijn stijve spieren na een lange nacht weer op te warmen, en voel de dankbaarheid in mijn spieren en pezen na de oefeningen. Het kost twintig minuten van mijn tijd, maar toch verzin ik vaak allerlei redenen om het niet te doen. Ook omdat ik het een beetje spannend vind vanmorgen, nog in het half donker in een leeg bos met mistflarden om me heen. Maar als ik mezelf dan weer overtuigd heb om toch even de moeite te nemen en de yoga te doen, ben ik altijd zo blij dat ik het heb gedaan, want het helpt me echt. Ik merk dat mijn lichaam weer beter herstelt en beter voelt, beter klaar is voor weer een dag met lichamelijke inspanning. Dat is heel fijn.
Verstopte wereld
Het is heel mistig als ik wakker word. Mist, dat is waar de bomen hun voeding (vocht) uit halen. De laatste tijd lees ik veel over het lezen van de natuur, wat we ervan kunnen leren en hoe je bepaalde fenomenen kunt herkennen. Super interessant. Het fascineert me mateloos. Ik ben zo gek van de natuur en ben het liefst ook zoveel mogelijk in de natuur. Waarom doe ik daar niet meer mee, beroepsmatig? Die mist heeft ook iets magisch door de sfeer die het oproept. Er kan zich van alles in verhullen of schuilhouden. Ik loop in een mini-bubbel, met zicht tot maximaal 5 meter om mij heen. Terwijl ik er doorheen ben ik extra alert, vanwege het idee dat er zich van alles in de mist schuil kan houden.
Sowieso maakt het alleen zijn in de natuur me alert, zeker als ik weet dat ik ver weg ben van de bewoonde wereld. Die alertheid is ook goed, het geeft een natuurlijke, gezonde spanning. Mijn lichaam raakt als vanzelf afgestemd op zijn omgeving en past zich ook aan, aan de omstandigheden. Het is alsof mijn lijf een eigen intelligentie heeft en precies weet wat er nodig is op verschillende momenten.
De route vervolgen gr7
Nadat ik alles heb ingepakt, vervolg ik de route, het pad omhoog waar ik gister ben gestopt. De wereld verstopt zich in een spookachtige, magische wolkenpartij. Het duurt uren voor het zicht beter wordt en ik meer uitzicht krijg. De mist houdt de geluiden bij me weg, dempt alles, alsof ik in watten loop. Een bijzondere ervaring.
Het was eigenlijk mijn plan om gister tot de 35 kilometer te lopen, maar toen heb ik eerder opgebroken. De reden dat ik verder wilde komen, is omdat ik vandaag, als het goed is dan, in één keer naar Camping Mariola kan lopen. Maar dat is nu dus nog best wel een eind weg, misschien ook wel meer dan 35 kilometer. Maar het vooruitzicht van een douche, oh, ik kijk er heel erg naar uit, dus ik denk dat ik het de afstand en inspanning vandaag wel waard vind. Als ik vanmiddag echt heel erg moe ben, dan ga ik gewoon even goed pauzeren en eten en gewoon lekker liggen, en dan kan ik misschien daarna nog die laatste uurtjes maken tot ik bij de camping ben.
Aanpassingen op de gr7 onderweg
Het pad leidt me op en neer de bergen over, door de bossen en over losliggende stenen en keien. Mijn voeten doen zeer en het vraagt veel concentratie om mijn voeten steeds goed neer te zetten, waardoor mijn gewrichten vermoeid raken. De gr7 is op de grond soms anders qua route dan op mijn gps-bestand. Ik krijg sterk de indruk dat de route recent is verlegd en dat mijn gps een oudere route aangeeft. De borden en wegmarkeringen ogen soms hagelnieuw en vers geverfd. Meestal is de aangepaste route een verbetering ten opzichte van de oude route. Ik snij bijvoorbeeld een weg af door in het bos ernaast te lopen. Zowel mooier als veiliger.
Bronwater
Ik ben alweer een poosje aan het dalen en loop nu langs meerdere kampeerplekken om legaal te kamperen. In Valencia lijkt de regelgeving voor wildkamperen en gereguleerd kamperen een stuk soepeler dan op andere plekken in Europa. Een groot bonuspunt is dat de bron langs de route gelukkig nog in werking is, en ik kan eindelijk mijn flessen vullen met vers water. Ik spat het koude water in mijn gezicht en krijg kippenvel als ik mijn nek, gezicht en armen provisorisch afspoel onder het stromende water. Voor ik mijn flessen helemaal aanvul en dichtdoe, drink ik zoveel als ik kan. Met een volle buik en flessen daal ik de berg slingerend verder af, tot ik na een paar uur bij een stromend beekje in een dal uitkom.
Tijd voor een bad in de rivier
Vlakbij is een halve grot, een soort overhellende wand, die me doet denken aan een heilige plek in Slovenië die we een paar weken eerder bezochten. Bij het beekje besluit ik te pauzeren en van de gelegenheid gebruik te maken me nog wat beter te wassen. Ik hang mijn zware rugzak af en zoek mijn zeepblokje en handdoek. Mijn schoenen verruil ik voor mijn sandalen, waarmee ik het koude, ondiepe beekje in stap. De bodem is bedekt met fijn, roodbruin zand dat alle kanten opstuift zodra ik mijn voeten in de zachte grond zet. Het is heerlijk om me zo vrij in de natuur te wassen, en ik geniet van het schone gevoel als ik het plakkerige zweet van me af boen. Alle haartjes staan overeind op mijn lichaam, het is niet meer zo mistig maar nog steeds bewolkt en koel. Ik droog me af en trek een warme trui aan, wat als een knuffel voelt op mijn frisse, schone lichaam. Terwijl ik een heel stokbrood naar binnen werk met restjes zweterige kaas en chocopasta, geniet ik van de geluiden van het stromende water, de enkele vogel en de verdere rust die hier heerst. Het was niet mijn bedoeling het brood helemaal op te eten, maar het smaakt zo goed dat ik mezelf moeilijk kan beheersen.
Alcoy
Na een poos hijs ik dan toch weer mijn spullen op mijn rug en trek ik mijn wandelschoenen weer aan. Met gemengde gevoelens: het is hier heerlijk, en ik geniet van het niets hoeven, maar ik word ook een beetje koud en ben nieuwsgierig naar waar het pad me heen zal leiden. Ik kom aan bij de afslag naar Alcoy en sta voor de keuze: een extra lus naar die grote stad maken, of de route vervolgen zonder bevoorrading. Ik kies er uiteindelijk voor om niet naar Alcoy te gaan, omdat het zeker nog een uur extra lopen is, en ook een extra uur om terug op de route te komen. Die extra hoogtemeters en tijd heb ik er uiteindelijk niet voor over. Achteraf ben ik héél blij met deze beslissing, want het is een monsterlijke dag qua afstand en hoogtemeters.
De berg op!
Vanaf dat punt gaat mijn route vrijwel direct stijl een bergkam op. Omdat het zo steil omhoog gaat, heb ik al snel uitzicht over de omgeving, en zie ik Alcoy als grote stad naast me liggen, de levendige geluiden van sirenes, verkeer en bouwwerkzaamheden naar me toe dragend. Dit is een veel grotere stad dan ik tot nu toe heb gezien. Ik zie verschillende mooie bruggen en een gigantische kathedraal en ben nieuwsgierig naar de rest van de stad. Ik volg de rug van de berg die naar links buigt, naar een verstopte plek van picknicktafels met verschillende waterbronnen die her en der stromen. Het is een pittoreske plek en ik kan me goed voorstellen dat de schaduwrijke plek een fijne verkoeling geeft op hete dagen. De gr7 neemt me met een grote bocht via deze plek langs de berg terug, nog verder naar links, weg van de stad.
De kloof in
Als ik eenmaal de hoek van deze berg om ben, hap ik naar adem: een gigantische roodbruine rotswand doemt voor me op en leidt naar een even zo imposante kloof. Een smal pad baant zich een weg tussen twee van deze rotsreuzen. Fantastisch! De route leidt me inderdaad deze kloof in, maar om daar te komen moet ik eerst deze hele berg weer afdalen. Als een kwispelende hond daal ik af en voeg me tussen de dagjesmensen en toeristen. Een bus scholieren komt me tegemoet na een tripje aan deze kloof, net als verliefde stelletjes, hardlopers en hondeneigenaren. Ineens hoor ik Vlaams naast me, en spreek de mensen aan. Het is een groepje vrienden, waarvan een stel hier vlakbij woont. Ze hebben hun vrienden op wandeltocht hierheen genomen. Ze waren net nog bovenaan de berg, net als ik. Er schijnt daar een grote gierenkolonie te wonen. Daar is één van de Vlamen net zijn sleutel verloren, maar heeft hem op miraculeuze wijze toch weten terug te vinden. Het doet me goed even te kletsen en wat ervaringen uit te wisselen. De Vlaamse vrienden laten me passeren, want zelfs met 20kg op mijn rug ligt mijn tempo hoger dan die van hen. Ik vergaap me aan de schitterende en machtige rotskliffen, waar ik de gieren in de lucht zie cirkelen.
De meesten lopen de kloof uit, want de dag is al ver gevorderd, en de mensen keren weer huiswaarts. Naarmate ik verder loop, passeer ik nog maar weinig mensen, en gaat de enkeling die ik nog zie de andere kant op. Op die manier loop ik na verloop van tijd toch weer alleen, en laat ik alle mensen weer achter me. Vanaf de top van de bergkam ben ik helemaal afgedaald tot de bodem van de kloof. de kloof verbreed zich langzaam, en er is maar één conclusie te trekken: de route gaat hoe dan ook omhoog, want aan alle kanten om me heen ben ik nu ingesloten door de bergen. Dit wordt een serieuze bergbeklimming, over smalle paadjes met soms steile afgronden rechts van me. De hoge bergtoppen voor me voorspellen nog veel meer hoogtemeters. Uiteindelijk maak ik iets van 1600 hoogtemeters die dag.
Doorgaan waar anderen stoppen
Terwijl ik de kloof omhoog uitloop, krijg ik uitzicht terug richting de kloof, maar ook de andere kant op, richting de dorpjes achter Alcoy en de valleien die daar beginnen. Het is nog steeds een beetje bewolkt en heijig, waardoor de omgeving steeds meer vervaagd aan de horizon. Het maakt de contouren en lijnen zacht, door de sluierbewolking. Een prachtig gezicht met dat verloop tussen de rijen bergen die eindeloos herhaald lijken te worden aan de horizon. Ik geniet intens. Het is een serieuze bergwandeltocht, met paden over de bergen en tussen de rotsen, met allemaal losse rotsen. Er is geen enkele stap waarop ik mijn voeten vlak kan zetten, en daarmee een aanslag op mijn lichaam.
Geconcentreerd lopen
Dat merk ik aan mijn voeten, de aanhechtingen bij mijn enkels en mijn knieën. Die protesteren behoorlijk, vooral als mijn voeten in rare standjes op de losse stenen neerkomen. De stappen zijn soms een behoorlijk eindje onder me, wat betekent dat ik alle spieren van mijn lichaam ook moet aanspannen om ervoor te zorgen dat ik niet met een klap neerkom. Of dat mijn knie wegschiet, of whatever. Dan voel ik er de nodige pijnscheuten doorheen gaan, waardoor ik probeer voorzichtig en gecontroleerd te lopen en valpartijen te voorkomen. Dat kost ontzettend veel van m’n concentratie, zeker als ik steil moet afdalen. Want naast al die hoogtemeters moet ik net zoveel meters afdalen, en goed opletten waar ik mijn voeten neerzet.
Het schiet niet op
Ik herinner mezelf aan vanavond, aan de camping met een douche. Ik kijk zo uit naar een douche! Het lijkt wel alsof er een soort suikerlaag op mijn huid ontstaat. Alles plakt, het is gewoon smerig. Misschien komt het door mijn tas, die helemaal ranzig is door het vele gebruik. En iedere keer hijs ik dat ding weer op mijn rug, over mijn armen heen. Vandaag heb ik hem al de hele dag vast. Dus het idee dat ik vanavond een douche kan nemen voordat ik mijn bedje instap is genoeg om door te lopen. De garantie dat ik niet aan mezelf vast plak in mijn tent, want dat vind ik zo smerig!
Maar de borden zijn vrij pessimistisch. Het eerste bordje dat de camping aankondigt, vertelt dat het nog vijf uur lopen is. Op dat moment is het twee uur ‘s middags, wat zou betekenen dat ik pas om 19.00u aan zou komen. Dat zal toch niet? Ik loop toch wel sneller dan dan drie kilometer per uur, zoals het bordje suggereert?
Wát een uitzicht!
Nou niet dus. Want bergen beklimmen gaat gewoon echt heel traag. Regelmatig loop ik langzamer dan drie kilometer per uur, op sommige stukjes ga ik niet harder dan één kilometer per uur. Op stukken die beter begaanbaar zijn, haal ik het tempo een beetje in. Nou ja goed, dit is wel de realiteit, en toch is het iedere keer weer confronterend om te merken dat ik gewoon heel erg word afgeremd door de omstandigheden. Uiteindelijk is het niet erg, want jemig, het is hier echt prachtig! De hele dag vergaap ik me constant aan het prachtige uitzicht. De zon breekt steeds beter door, ik zie een hert, eekhoorntjes en gieren.
Wolkenpracht
Op een gegeven moment loop ik de hoek van de berg om, waarna ik duidelijk aan de schaduwzijde uitkom. De wind en wolken nemen toe in kracht en hoeveelheid. Het blijft bijzonder dat er binnen een paar meter een totaal ander weerbeeld bestaat. Ik geniet van elke ademteug. Wát een fenomenaal uitzicht! De mist is grotendeels opgelost, en de zon doet zijn best om zo nu en dan door te breken, maar er hangen ook nog steeds behoorlijk wat wolken en de lucht is heiig van de dunne wolkenflarden die er nog steeds hangen. Misschien maakt dit het uitzicht wel nóg mooier. De bergen vloeien soms in elkaar over, met zachte tinten en vriendelijk licht. Op andere plekken hangt er juist een dik pak wolken die elk zicht ontneemt. Die plekken voelen bijna onecht en verraderlijk. Wat houdt zich schuil in het onzichtbare? Het is bijna alsof ik mezelf zo zou kunnen laten vallen op een dikke deken van zachte watten, bijna uitnodigend. Maar ik weet wel beter. Af en toe steken er ineens topjes uit de flarden van de wolkenmassa’s. het maakt me nieuwsgierig naar wat de wolken nog meer verborgen houden voor me.
Genoodzaakt tot pauze
Ik ploeter voort. Het pad is zwaar, moeilijk begaanbaar, steil en alsmaar omhoog. Met al ruim 30km in mijn benen speelt de vermoeidheid inmiddels aardig op, en moet ik heel geconcentreerd lopen. Ook moet ik ervoor waken dat ik niet te veel naar het uitzicht om me heen blijf staren terwijl ik loop. Na uren stijgen moet ik noodgedwongen pauzeren omdat de batterij van mijn horloge zo goed als leeg is. Ik leg hem aan de powerbank, vol ongeduld wachtend tot hij voldoende bijgeladen is om verder te kunnen. Deze extra pauze ten spijt valt mijn horloge aan het einde van de dag alsnog uit, simpelweg omdat ik zó lang onderweg ben. Een pauzeplekje midden op het paadje op een steile berg is lastig. Ik vind geen comfortabele plek om te zitten of mijn spullen neer te leggen. Het pad is niet meer dan een voet breed. Maar het duurt nog uren voor ik op vlakker terrein zal komen, en ik heb de gps nodig voor mijn route, dus ik moet wel. ‘Kom op mies, je bent goed bezig. Er wacht een camping en een warme douche op je’, praat ik mezelf moed in. Als er niemand is die tegen je kan zeggen, moet je het maar zelf doen. Het helpt toch, grappig genoeg. Die beloning in het vooruitzicht maakt het afzien nu beter te verdragen.
Het pad gaat alleen maar omhoog…
Ik ga door, terwijl ik me concentreer op het pad en mezelf niet probeer te verliezen in haast of hoogmoed. Dat is een valkuil waar ik na de vorige etappe niet nog eens in wil stappen. In plaats daarvan ben ik me constant bewust van het feit dat ik hier alleen ben, boven op een berg in een onherbergzaam en onbereikbaar gebied. Voorzichtig, stap voor stap. Ik loop rond de hele berg omhoog en moet nog een laatste stukje van de aangrenzende berg opklimmen voordat het pad eindelijk bergafwaarts gaat.
Cadeautje op de top
En dan eindelijk, haal ik de top. Terwijl ik op adem kom, zie ik hert met gracieuze sprongen voor me langs springen. Wauw! Het eerste wild sinds lange tijd! Iedere keer voelt het weer als een cadeautje om getuige te zijn van het wild dat hier leeft. Ik ben dankbaar dat het pad niet langer stijgt, maar langzaam naar beneden wentelt. Eerst nog even over losse keien en stenen, maar later zelfs via een breed grindpad door de bossen. Ik dank het universum hardop dat ik weer in veilig terrein ben en dat ik deze tocht ben doorgekomen.
Het daglicht neemt af, mijn schaduw verdwijnt als de wolken wederom de hemel bedekken. Alsof de weergoden de gordijnen dichttrekken tegen de invallende schemering. Lopend in mijn topje koel ik af, maar ik wil niet stoppen om iets warms aan te trekken. In plaats daarvan verhoog ik mijn tempo om zo snel mogelijk op de camping aan te komen. Mijn horloge valt uit, hij is letterlijk uitgeput door het intensieve beroep dat op hem wordt gedaan vandaag. Gelukkig hoef ik nog maar 2km.
Bestemming bereikt!
De zon gaat onder als ik om half 8 doodop Camping Mariola bereik. Het blijft leuk om namen die je op een digitale kaart hebt zien staan in werkelijkheid te bereiken. Uitgeput val ik de receptie binnen, waar een jongen van mijn leeftijd blij is met wat aanspraak op de verder zeer rustige camping. Behalve vaste gasten zijn er vrijwel geen bezoekers te zien. Hij vraagt me de oren van het hoofd over mijn tocht en raakt enthousiast. Het lijkt hem gaaf ook ooit zo’n tocht te doen. Na het inchecken schuift hij een deurtje door en stapt vervolgens in de rol van kassière, terwijl ik een blikje bier, melk en wat eten koop. Hoewel ik geniet van de ontmoetingen en de praatjes onderweg, wil ik nu vooral douchen, eten en mijn bed in.
Uitgeput maar vervuld van rijkdom
In het laatste licht zet ik mijn tentje op, waarna ik direct een heerlijke douche neem. Wat is dat goddelijk! Het sanitair gebouw is verwarmd en de warme stralen verzachten mijn vermoeide en gespannen spieren. Warm aangekleed eet ik in het donker tegen 21u dan eindelijk mijn avondeten, zittend op een trapje naast een basketbalveld. Het biertje stijgt direct naar mijn hoofd en maakt mijn ledematen zwaar en loom. Wat een dag! Met een gevulde buik rol ik mijn bed in, en val vrijwel direct uitgeput in slaap. Hoewel ik eventjes wakker word als het begint te regenen, slaap ik verder in één ruk door tot 8u. Dat overkomt me niet vaak, omdat ik vaak licht slaap en tussendoor moet draaien vanwege de pijn in mijn heupen.





Je schrijf over afwijkingen in de route van jouw gpx-route. Ik weet niet hoe recent jouw gpx-en zijn, maar check voor de zekerheid de routes en fiches op https://mediambient.gva.es/es/web/medio-natural/gr-7
Vooral bij het kruisen van de A3 is de route fors naar het oosten verplaatst (via Siete Aguas) ten opzichte van voorheen, waarschijnlijk om de eerdere problemen met een grootgrondbezitter van Valiente te vermijden.
Verder ben ik uit eigenbelang erg nieuwsgierig naar de bronnen die het wel doen. Ik kan uit je tekst niet afleiden waar dat precies is, maar ik hou me (later!) aanbevolen voor actuele info daarover.
Klopt, die aanpassing heb ik inderdaad bewandeld. De nieuwe opties zijn overigens vaak wel een verbetering.
Qua bronnen zou ik echt weer even in de kaarten moeten duiken. Uiteindelijk kwam het altijd goed, maar er zitten echt wel stukken tussen waar je wat moet rantsoeneren.
Je bent nog niet in het stuk dat ik bedoelde na de A3. Ik ben ook erg benieuwd wat je juist daar aantreft in verband met de overstromingen van afgelopen oktober.
Gezien foto’s die ik zag op internet en op de website van de FEMECV lijkt het stuk van 140 km tussen Cortes de Pallars en Andilla flink beschadigd geraakt en is doorlopen zo nu en dan zelfs niet mogelijk. Zie de waarschuwingen per etappe op https://senders.femecv.com/es/sendero/ver/gr-7
hoi Marla,
De verslagen van die stukken komen de komende dagen online. Ik liep achter met het plaatsen ervan, maar ik heb dit stuk tot aan Montanejos in oktober 2024 gelopen. Ik zat in de beginfase van het noodweer in Valencia, en ben godzijdank 1 dag voor de overstromingen naar huis gevlogen. Ik lees nu dat het pad waar ik toen liep nog steeds flink beschadigd is en er wordt afgeraden daar te wandelen.
Ben benieuwd hoe je dat stuk gaat overbruggen?
Succes!