Avontuur, Spanje, Trektochten

Spanje gr7 dag 9 / 38 Cieza – Venta Roman

wildkamperen spanje solotocht trektocht backpacken reizen als vrouw alleen wilde zwijnen nacht angst bang gevaar veiligheid wandelen hiken e4 gr7 e7 europa solotocht michelle houtman

Ongewenst nachtelijk bezoek

Rond 5.15u word ik wakker van een geknor, dat steeds dichterbij komt. Een wild zwijn! Het geknor wordt meer, en ik herken steeds meer dieren om me heen. Niet alleen geknor, maar ook een gesnuif, hoefgetrappel en het wegrollen van steentjes onder de hoeven. De geluiden komen steeds dichterbij, en lijken ook van steeds meer kanten te komen. Ik kom overeind. Wat moet ik doen? Bij die beweging maak ik wat geluid, waar de zwijnen vlakbij mij van schrikken, en wegrennen. Ik hoor het gesnuif, en de hoeven op de grond bonken. Het is duidelijk dat het grote, zware beesten zijn, een stuk of 4 direct rondom mijn tent, schat ik. Ik ga weer liggen, in de veronderstelling dat ze weg zijn. Maar dan hoor ik opnieuw geknor en gesnuif. Ditmaal wel héél dichtbij. Ik weet zéker dat er een wild zwijn aan de andere kant van mijn tentdoek is. Shit. Ruiken ze mijn afval? Mijn eten? Voelen ze zich bedreigd door mijn aanwezigheid? Wat nou als ze gaan aanvallen? Straks rennen ze dwars door mijn tent heen! Het geknor, geschuifel en snuiven wordt luider, en ik voel me ingesloten. Dit zijn er minstens 10!

Wilde zwijnen!

Dan knort het zwijn naast me, en hij is zó dichtbij dat ik een kreet sla van angst, terwijl ik tegelijkertijd naar mijn stok reik om mezelf mee te verdedigen als het nodig is. Mijn gil laat de beesten schrikken, waarna ze halsoverkop luid knorrend en snuivend wegrennen, ik hoor het grind van alle kanten van de berg rollen en onder hun hoeven wegspatten. Verstijfd van angst wacht ik af tot ze door mijn tent heen komen, maar godzijdank lopen ze er allemaal omheen en keert uiteindelijk de rust weer terug. Door deze ervaring kan ik echter niet meer slapen, dus besluit ik vroeg op te staan. Vandaag moet ik toch veel kilometers maken.

Verboden toegang

Vrij snel na mijn vertrek vandaag kom ik bij een hek met een verbodsbord. ‘Geen doorgang in verband met een gevaarlijke omgeving’ zegt de tekst onder het bord. Ik tuur voorbij het hek, waar ik nog een eind het gebied in kan kijken en een aantal wandelpaden zie. Er is niks dat wijst op gevaar. Wat nu? Mijn route loopt over deze weg, en als ik een andere route moet doen, moet ik heel ver omlopen. Terwijl ik sta te twijfelen over mijn plan, komt er een hardloper uit het verboden gebied. Dat stelt me gerust: als hij daar loopt, dan zal het gevaar wel meevallen, toch? Terwijl ik mijn route vervolg over het hoofdpad dat langs een berg loopt, zie ik bergafwaarts verschillende smallere wandelpaadjes kronkelen. Vermoedelijk kwam de hardloper van één van die paden. Mijn eigen pad blijft op vrijwel dezelfde hoogte lopen, langs de bergwand.

Instortingsgevaar

Een paar honderd meter verderop word me ineens duidelijk waarom dit gebied is afgezet. Er liggen steeds meer en grotere rotsblokken op het pad, afgebroken van de bergwand. In rap tempo nemen ze toe in omvang en hoeveelheden. Bij sommige blokken kan ik zien dat ze er al even liggen. Er groeien plantjes langs de onderkant, of de kleur is duidelijk anders door de weersinvloeden. Maar bij meer rotsblokken dan me lief is, is het héél duidelijk dat ze daar nog niet lang liggen. In de kanten die vastzaten aan de berg, is duidelijk de lichtere, schone tint te zien, en de kleinere, afgebroken en weg gespatte scherven liggen in een logisch patroon om de rotsblokken heen, zonder opzij geschopt of weggewaaid te zijn. Als ik langs de bergwand omhoog kijk, zie ik inderdaad verschillende gigantische rotsblokken ter grootte van een auto of camper op scherp staan. Het asfalt vertoont grote barsten van de impact van eerder gevallen blokken, en ineens loop ik niet meer op mijn gemak.

Omgaan met angst en gevaar

Ik zie de krantenkoppen al voor me: ‘eigenwijze wandelaar bedolven onder rotsblokken na negeren van verbodsbord’. Het doet me denken aan het butterfly effect: hoe een vleugelslag hier, elders een lawine kan veroorzaken. Ik durf niet meer mijn stok op de grond te tikken, uit angst dat de trilling de spreekwoordelijke druppel zou zijn. Ondanks mijn kolossale omvang door de rugtas deed ik mijn best mijn voeten zo zachtjes mogelijk neer te zetten. Eindelijk zie ik het einde van het pad, met aan die zijde ook een afgesloten hek en verbodsbord. Opgelucht klim ik langs de afzetting. Ik ben weer op veilige grond. Het lijkt wel of ik de afgelopen uren en dagen extra met mijn neus op de gevaren word gedrukt. Kort daarna loop ik Cieza binnen, waar ik mezelf trakteer op een koffie en chocoladebroodje. Ook heb ik net heerlijk mijn handen kunnen wassen en heb ik vooruitzicht op een supermarkt om inkopen te doen.

Cieza

Nadat ik inkopen heb gedaan in een gigantische supermarkt in Cieza, ga ik topzwaar beladen weer verder. De route gaat langs een drukke, vieze weg, met nauwelijks ruimte om veilig te lopen zonder kans om als een bowlingkegel omver te worden gereden. Wat is Cieza een stinkstad! Veel te lang loop ik langs de drukte en het verkeer, waar de bermen bezaaid zijn met zwerfvuil en uitwerpselen. Er lijken ontluchtingskanalen van het ondergrondse kanaal langs de weg te zitten, want er hangt een bijna ondraaglijke vieze rioollucht, zo dik dat hij bijna te snijden is. De bewolking van vandaag en vuurtjes die in de omgeving branden helpen niet mee. Met het langsrazende verkeer moet ik me concentreren op waar ik loop. Pas na een hele poos slaat de route af van de doorgaande weg, langs een industriegebied, gevolgd door al evenzo inspiratieloze kassen en tuinderijen. Het voordeel is dat ik nu geen druk verkeer meer om me heen heb en ongestoord meezingers kan draaien om mezelf een beetje op te peppen. Heerlijk, om ongegeneerd mee te bleren en dit in alle vrijheid te kunnen doen.

Mentale mindfucks

Vandaag is een mentaal spel. Wetende dat ik zal wildkamperen, en niet kan douchen en dergelijke, moet ik mezelf blijven motiveren en tegelijkertijd ook mijn kop erbij houden om mezelf heel te houden. Zeker als het zo uitgestorven is, moet ik goed voor mezelf blijven zorgen. Op een gegeven moment merk ik dat ik word gestoken op mijn benen, armen, nek, gezicht… overal waar blote huid is, zitten ineens muggen. Niet één, nee, ze komen met tientallen tegelijk! Ik mep ze met 2 of 3 tegelijk dood, waardoor ik bloederige vlekken op mijn lichaam maak. Hoeveel steken heeft een mens nodig voordat ze vergiftigd raakt, of een allergische reactie optreedt? Ik stop om even te plassen en mijn flesje deet te zoeken in mijn EHBO zakje. Na bijna het hele busje leeggespoten te hebben, loop ik opnieuw verder. Het is tevergeefs. Ik hoor de kleine parasieten bijna spottend lachen: ‘haha! Het idee dat die 80% deet ons zou moeten afschrikken!’. En met dezelfde snelheid landen ze weer op mijn blote huid. Dit doet me aan een zenverhaal denken. Zijn dit de muizen in mijn habijt? Toch heb ik minder moeite met deze muggen, dan ik vorig jaar met de vliegen had, die in grote getalen om mijn gezicht en lijf zoemden. Progressie? Ik heb ook weleens begrepen dat je je beter eerst helemaal lek kunt laten steken door muggen, zodat ze daarna niet meer zullen bijten. Nouja, we zullen zien.

Wat wandelen met me doet

De route gaat door uitgestrekte vlaktes met flauwe heuvels en vooral een eindeloze aaneenschakeling van nietsigheid. Soms loop ik langs braakliggende akkers vol roodbruine aarde, dan weer is de grond bezaaid met eentonige begroeiing van een soort helmgras. Ik ben verwend, door de prachtige landschappen en bergen waar ik al doorheen ben gelopen. Het kan natuurlijk niet elke dag grandioos zijn. Dat geeft ook niet. De ‘saaiheid’ van een landschap werkt er ook voor om de aandacht als vanzelf naar binnen te richten, en te dealen met mijn eigen gedachten, neigingen en overtuigingen. Het is een training op allerlei niveaus. Hoewel het niet direct als fijn of leuk ervaren wordt, merk ik dat ik met elke stap meer opruim en ruimte schep. Dat ik ballast loslaat, dat er knopen die vastzaten in mijn lichaam als het ware beetje bij beetje losweek, en ze steeds meer ontrafel, ontwar. Dat kan soms tot een grote chaos leiden zonder zicht op verbetering of een oplossing. Maar aan het einde van het verhaal is de knoop ontward, en kan ik de draad weer keurig oprollen. Het is de heling die als vanzelf op gang komt door het ritmische lopen, stap voor stap. De geluiden van het ploffen van mijn voeten in het droge stof, het knerpen van de schouderbanden, het ritme van mijn ademhaling, in en uit, in en uit. Ik kom in een cadans, en soms een tranceachtige staat, waarin het lichaam loopt en als vanzelf beweegt, en ik enerzijds heel dicht bij de ervaring ben, en tegelijkertijd soms mijlenver verwijderd van mijn gedachten. Alsof ik in een tijdloze ruimte zweef, zonder lichaam of geest. Het is moeilijk in woorden te vatten.

Venta Roman

En nu ben ik hier, in Venta Roman. Hier heb ik in online verslagen van andere wandelaars over gelezen, en dan voelt het zo maf om nu zelf hier op de betreffende plek te zitten. Onwerkelijk om al zo ver te zijn. Venta Roman is niet meer dan een wegrestaurant langs een snelweg, waar af en toe een trucker stopt voor een maaltijd. Behalve dit vrij armoedige wegrestaurant is er niks, enkel de snelweg in kilometers open vlakte. Ik ben moe, mijn voeten doen zeer, mijn knieën zijn gevoelig. Ik moet niet vergeten om vanavond magnesium in te nemen en mijn voeten en gewrichten in te smeren. Hopelijk slaap ik dan beter, want wat een avontuur was het afgelopen nacht! Ik kijk zo uit naar morgen: een douche, een bed, een rustdag! Ik hoop maar dat het betaalbaar is.

Prachtige zonsondergang

In het toilet was ik me tot 2x toe provisorisch, waar ik met water en de zeeppomp mijn ledematen, nek, gezicht, buik en rug zo goed en kwaad als het gaat afspoel. Direct voel ik me moreel gesterkt. Ik hoef nog maar een klein stukje, en heb er vertrouwen in dat ik een slaapplek zal vinden. Als ik het tunneltje onder de snelweg door duik, kom ik direct in een mooier landschap terecht. De zon zakt al naar de horizon en werpt zowel gouden licht en lange schaduwen over het landschap voor me. Op mijn Gaia gps-app heb ik een mogelijke kampeerlocatie gezien, maar die blijkt verder weg dan ik dacht. Ik bekijk meerdere opties, maar besluit toch steeds om door te lopen, naar de plek die een mysterieuze en anonieme wandelaar eerder op de gr7 heeft gemarkeerd volgens mijn gps-bestand. Uiteindelijk is het al na 19u als ik nog steeds niet in de buurt van mijn beoogde kampeerplek ben, en besluit om de eerste de beste plek te kiezen. Het wordt snel donker en ik moet ook nog wat eten. In het gebied waar ik nu loop zijn helemaal geen bomen of andere beschutting. Ik loop op een kale heuvel, boven een evenzo kale vallei. Omdat het op dit moment windstil is, besluit ik de gok te wagen en zet mijn tent een eindje van het pad af, met een schitterend uitzicht en ondergaande zon.

Eindelijk slapen!

Ik geniet, want wát een magnifieke zonsondergang heb ik hier! Ik eet wat brood met kaas voor mijn tent, terwijl het laatste licht deze kant van de wereld verlaat. Ik probeer het feit dat ik ondertussen compleet word lek geprikt door muggen maar even te negeren. Zodra de zon onder is, zoek ik mijn heil in de tent, die gelukkig vrij van muggen is. Het is echter bloedheet en er staat geen zuchtje wind. Ondanks de vermoeidheid die mijn spieren en gewrichten intussen uitschreeuwen, val ik niet snel in slaap. In plaats daarvan geniet ik simpelweg van het kunnen liggen. Mijn knieën en enkels voelen overbelast en pijnlijk. Ik weet hoe belangrijk het is om mijn rust te pakken. Morgen, beloof ik mezelf plechtig. En wie weet rust ik vannacht ook wel uit.